Als Geld je Lief is-

Huilen met de huizen

Elmer 0 Reactie

260px-Crying-girl

Zaterdag 24 juni 2014 verscheen in diverse kranten een bericht van de Rabobank over de toekomst van de huizenmarkt. Hoeveel waarde moeten we aan de voorspellingen van de Rabobank hechten?

Volgens onderzoek van de Rabobank lijken de huizenprijzen te zijn ‘uitgebodemd’ en wordt voor dit jaar en volgend jaar een gemiddelde prijsstijging van zo’n 2 procent verwacht. En dat kan volgens econoom Paul de Vries van de bank nog hoger uitvallen ‘omdat de woningen nu door de crisis eigenlijk te goedkoop zijn en dus nog wat harder in prijs kunnen stijgen’, met als gevolg dat de komende twee jaar 213.000 huishoudens weer ‘boven water’ komen. Dit ‘boven water’ komen kan volgens hem een belangrijk psychologisch effect hebben op de consument, waardoor uitgaven niet meer geremd worden en extra aflossingen zullen afnemen.

Een opvallend bericht. De Rabobank heeft immers vorig jaar aangegeven geen voorspellingen meer te zullen doen. De voorspellingen zaten er steeds gigantisch naast: sinds 2008 werd het herstel al aangekondigd terwijl de huizenmarkt maar bleef doordalen. Nu voor het eerst in een deel van het land een kleine prijsstijging wordt waargenomen, viert het opportunisme weer hoogtij en weet de Rabobank haar vaste mantra (‘bodem in zicht, herstel komt eraan’) weer uit de hoge hoed te toveren.

Huizenmarkt_Nederland

En je vraagt je af waarom. Voorlopig wijst niets er namelijk op dat de huizenmarkt is uitgebodemd en dat we op weg zijn naar nieuwe, hogere prijsniveaus. Wat we weten van financiële en economische markten is dat psychologie een belangrijke rol speelt. En die psychologische gemoedstoestand van mensen beweegt in cycli. Dat de markt na een flinke daling weer iets opveert, is niet vreemd. En ongetwijfeld kan de huizenmarkt de komende periode nog wel iets meer stijging laten zien. Maar of dat nu betekent dat de huizenprijzen dit jaar en volgend jaar met 2 procent en mogelijk nog meer gaan stijgen: het is gewoon een gok van de Rabobank en niet meer dan dat. De onderbouwing ontbreekt en de opmerkingen die gemaakt worden, zijn niet sterk. ‘De woningen zijn nu door de crisis eigenlijk te goedkoop’. Hoezo? Waaruit blijkt dat dan? En wat is de definitie van ‘goedkoop’?

Het is vooral ‘wishful thinking’. Zolang de gemiddelde woningprijs nog altijd bijna een zevenvoud is van het modale inkomen in Nederland, is een ‘gemiddelde’ woning duur, om niet te zeggen schreeuwend duur. Een positief psychologische effect van boven water komen, lijkt ons vooral gebaseerd op hoop. Tot nu toe heeft het onder water geraken vooral gezorgd voor een flink hand-op-de-knip-effect. De Nederlander bezuinigt op alle fronten, van boodschappen tot vakanties en van dure consumptiegoederen tot garageherstelwerkzaamheden. Er moet naar onze mening nog heel wat ten positieve veranderen willen we weer meer gaan uitgeven en dat zien we – behalve misschien tijdelijk – niet gebeuren.

Sterker nog, wat ons betreft is het zelfs kwalijk dat een bank – als groot belanghebbende bij een prijsstijging – zulke quasi-positieve berichten rondstrooit. Deze crisis is nog lang niet voorbij en het effect kan zijn dat mensen zich toch weer laten verleiden een nieuw huis te kopen, mogelijk met een grotere hypotheek. Over een paar jaar komen ze, bij de nog veel grotere crisis die wij tussen 2016 en 2020 verwachten, zeer waarschijnlijk in de problemen. Hoe ethisch en verantwoord is het dan als bank, ja zelfs als een soort vertrouwenspersoon, mensen de schulden in te jagen? Als bankiers de afgelopen jaren iets hebben kunnen leren, is het wel dat ze niet zo populair meer zijn. Wat ons betreft zouden ze wat meer terughoudendheid moeten betrachten en hun toekomstvisies gewoon achterwege moeten laten, want zo geweldig waren die niet, de afgelopen vijf, zes jaar.

In ons nieuwe boek hebben wij een apart hoofdstuk ‘Huilen met de huizen’ opgenomen. De titel is niet toevallig gekozen, omdat er nog aardig wat tranen zullen gaan vloeien. Dat prachtige stulpje blijkt komende jaren een blok aan het been te zijn dat we aan de straatstenen niet kwijtraken. Vooral omdat opnieuw veel mensen gedwongen zullen worden hun huis te verkopen, al dan niet via een huizenveiling.

Aan de hand van grafieken en demografische gegevens laten wij in onze nieuwe boek zien dat de huizenmarkt niet uitgebodemd is, maar nog veel verder gaat dalen. Het aantal verkopers zal  komende jaren fors toenemen, terwijl het percentage potentiële kopers sterk daalt. De demografische cijfers zijn onmiskenbaar en liegen er niet om.

Wat we tot nu toe meegemaakt hebben, is kinderspel vergeleken bij wat er nog aankomt. Voorbereiding is alles, passief afwachten kan u veel financieel leed bezorgen. We hebben afgelopen jaren boven onze stand geleefd en daar zullen we nog jarenlang voor moeten boeten. Maar de meeste mensen denken vaak dat het wel weer overwaait, zeker nu het recente nieuws zo positief lijkt. Ze zoomen flink in op een tijdelijk opleving van de huizenmarkt en zijn niet in staat om los van de kudde te gaan staan. Dat is op zich logisch want de mens als kuddedier voelt zich het prettigst als ‘iedereen’ in zijn omgeving bevestigt wat hij denkt, in dit geval dat het herstel eraan komt. Een dier dat ver van de kudde staat, krijgt alleen maar signalen dat hij deel moet uitmaken van die kudde. Voor de huizenbezitter is het in deze tijd niet anders: nu verkopen en gaan huren? Ze verklaren je voor  gek! Nee ze hebben liever een hypothecaire molensteen om hun nek dan broodnodige flexibiliteit wanneer die enorme schuldenpuist toch zwaarder blijkt te wegen dan verwacht.

Je moet het dak repareren als de zon schijnt. Het is zo’n mooi gezegde. Hoe kunnen we de lezer meer bij de les krijgen dan via stevige taal? Ons nieuwe boek heeft absoluut niet als doel u de put in te praten maar u te helpen voor te bereiden op nog slechtere tijden. Niets meer en niets minder. We vrezen dat velen ook nu hun schouders zullen ophalen onder het motto ‘het zal mijn tijd wel duren’. Dat zou buitengewoon spijtig zijn. Daarom: repareer dat dak! Nu!

Gratis het eerste hoofdstuk downloaden van Deflatie in aantocht dat in september (8e druk) verschijnt? Klik hier: http://bit.ly/AlsGeldJeLiefIs.

Elmer Hogervorst & Eric Mecking
www.alsgeldjeliefis.nl

 

 

Waar blijft de deflatie?

Elmer 0 Reactie

In reactie op ons vorige artikel schrijft iemand: “Leuk artikel maar u voorspelt deflatie sinds 2005 en die blijft maar uit, hoe legt u dat uit?”

De vraag is enerzijds terecht, anderzijds is hij ook kenmerkend voor het kortetermijndenken waar wij allen last van hebben. Sinds 2008 hebben we het over ‘de crisis’. Al zes jaar komt deze term boven tafel zodra we het over de economische toestand in de wereld hebben. Gedurende die tijd gaan er veel bedrijven failliet, daalt de huizenmarkt en hebben ondernemers last van ‘vraaguitval’ omdat de consument de hand op de knip houdt. Deflatie is feitelijk niets anders dan vraaguitval. En deze uitval wordt  komende jaren nog veel groter. Kijken we naar de inflatiecijfers in Europa, dan zien we de voorbode daarvan.

Inflatie in Europa

 

 

 

 

 

 

 

 

 
Afgelopen drie jaar daalde de Europese inflatie van 3,3% naar 0,6% in mei 2014. Het zijn slechts drie jaar uit een veel grotere beweging. Sinds 1980 daalt de inflatie. Toen nog 12%- 13%, nu dus dichtbij het nulpunt.

In de nieuwe 8e druk van ons boek Deflatie in aantocht laten wij zien dat deze crisis nog tot 2020-2023 gaat duren. Voor de komende jaren verwachten wij dan ook dat deflatie zijn ware gezicht zal laten zien. De gevolgen laten zich raden, maar die zullen niet fijn zijn voor wie niet is voorbereid. Daarom komen wij in het boek met ‘vijf stappen om de komende crises te overleven’. Wees voorbereid!

Alvast gratis het eerste hoofdstuk van Deflatie in aantocht downloaden? Kijk op: http://bit.ly/AlsGeldJeLiefIs.

Elmer Hogervorst & Eric Mecking

 

Beleggen in het duister

Elmer 0 Reactie

Onlangs werd ik geïnterviewd door Theo Besteman van DFT, zie hier het interview op de site van De Telegraaf of lees hieronder.

Net als mijnwerkers die bij het delven van goud met pikzwarte duisternis worden geconfronteerd, tasten ook beleggers vaak in het duister bij de handel erin.

zo 08 jun 2014, 11:19

Belegger gretig op goud ondanks grote verliezen in 2013

Beleggen in het duister

Theo Besteman

Beleggers in goud tasten vaak in het duister. „Niemand begrijpt de goudprijs”, zei Fed-topman Ben Bernanke in 2013. Zijn opvolger Janet Yellen „kent geen model om de goudprijs echt te doorgronden”. Vorig jaar verloren beleggers in goud 28%. Toch geldt het weer als veilige haven, met dit jaar circa 4% prijstoename. Waarom gaat het door de jaren toch zo vaak fout?

De financiële crisis sinds 2007, het bloedige Oekraïne-conflict, de nog prille groei in de Verenigde Staten en tegenvallende koers-winstverhoudingen bij beursgenoteerde bedrijven in Europa lieten beleggers, ondanks het blauwe oog van 2013, toch weer uitwijken naar goud. Ze zitten in derivaten, zoals opties en turbo’s, in trackers, maar ook in munten of baren goud.

Voorstanders van goudbeleggingen wijzen op de met vallen en opstaan opgebouwde historische prijspiek van 2012 op $1772 per troy ounce (31,1 gram goud). Hun argument: het mag een wilde rit zijn, uiteindelijk gaat goud omhoog.

Zeker goldbugs, de stoïcijnse gelovers in goud, zien steeds meer signalen dat de Amerikaanse dollar als centrale munt verdwijnt. Dit vanwege de hoge schulden, de groeiende macht van China en het verval van de VS in de wereld. Beleggers zouden daardoor voor goud als laatste zekere waarde kiezen.

Slam dunk sell

Sceptici wijzen echter op het gapende gat tussen 1979 en 2000: goudbeleggers raakten toen 70% kwijt. ABN Amro bijvoorbeeld ziet goud hooguit op $900, Goldman Sachs-analist Jeffrey Currie noemt goud zelfs een ’slam dunk sell’, een 100% zekere daling. Een ounce zal hoogstens nog $1050 opleveren, stelt hij. Op dit moment noteert een ounce rond $1250.

De waardeontwikkeling van goud is lastig te doorgronden, waarschuwde de Vereniging van Effectenbezitters onlangs. Anders dan aandelen en obligaties heeft het metaal geen contante opbrengsten, die richting zouden kunnen geven. Rente noch dividend. De mistige prijsvorming van goud verwart zelfs Bernanke en Yellen. Ook als vluchtheuvel tegenover de dollar is goud niet altijd een garantie. De wet: een dalende dollar betekent een stijgende goudprijs, gaat lang niet altijd op.

Onberekenbaar

Goud is een onberekenbare, volatiele en zeker geen standaardbelegging. Neem maandag 26 mei, Memorial Day. Er was geen officiële handel. Toch steeg de spotgoudprijs ineens sterk naar $1312, en viel daarop terug naar $1275. Zonder sluitende verklaring. Een reden was vermoedelijk het gebrek aan liquiditeit. Het edelmetaal ging die dag door alle gemiddelden heen, volgens Morgan Stanley ’historisch ongekend’. Deze uitschieters worden echter telkens en snel gecorrigeerd door onbekende marktpartijen met grote aan- en verkopen.

„Dat de goudprijs wordt gemanipuleerd is al jaren duidelijk”, zegt fiscaal jurist Elmer Hogervorst, met Eric Mecking auteur van het historisch overzicht ’Geld, goud en zilver’. „Niet door centrale banken, want die bezitten zelf goud en zouden zich met prijsdalingen in de vingers snijden. Eerder door grootbanken, voor de quick buck, de kortetermijnwinst.”

Na de veroordeling van Barclays wegens manipulatie van de goudprijs – de bank moest een boete van 26 miljoen Britse pond betalen – ontdekte de Financial Times deze week een ’routinematig’ breed patroon onder handelaren om de goudprijs te manipuleren.

Particuliere beleggers moeten dus op hun hoede zijn voor mysterieuze fluctuaties. Zij betalen vaak de prijs voor deze manipulaties. Ook trekt zo’n mistige markt malafide bedrijven aan zoals veilingsites zonder vergunning, waarschuwde toezichthouder AFM deze week.

Banken

Beleggers kunnen in de goudmarkt ook niet blind varen op de centrale banken. Die brengen volgens vijfjaarsafspraken hoogstens een vooraf afgesproken hoeveelheid fysiek goud in de markt. Dit beperkt het aanbod van goud. Dat zou een goede prijsvorming kunnen hinderen.

De prijs wordt sowieso niet volledig door vraag en aanbod bepaald, aldus directeur Marleen Evertsz van GoldRepublic. „Het blijkt dat centrale banken zelf slechte beleggers zijn: ze verkochten bijna 400 ton per jaar – de afgesproken limiet – aan het begin van het millennium, toen de goudprijs rond $300 noteerde. Nu de goudprijs veel hoger staat, kopen sommige centrale banken zelfs weer goud aan. Ze verkopen dus laag en kopen hoog.”

Centrale banken besloten twee weken geleden hun verkooplimieten te verlagen. „Europese centrale banken hebben niet langer de behoefte de goudprijs te drukken met verkopen”, zegt goudexpert Frank Knopers van MarketUpdate. „Dat is positief voor goud, omdat er in opkomende markten als India en China nog steeds veel vraag bestaat.”

China

Of de enorme vraag uit China bij het huidige beperkte aanbod de goudprijs direct laat stijgen, durft Knopers niet te zeggen. Daarvoor is de markt te ondoorzichtig. „Maar zelfs in de jaren dat de banken 400 ton per jaar verkochten steeg de goudprijs. Ieder jaar”, nuanceert Evertsz. „Vanwege de toenemende vraag elders.”

Mensen die op de kortere termijn rendement zoeken binnen de goudsector, kunnen ook letterlijk terug naar de bron: de goudmijnen. Hun succes is dat ze zelfs bij een dalende goudprijs nog rendement kunnen bieden.

 

Draghi’s duel met de deflatiedraak

Eric Mecking 2 Reactie

Mario Draghi van de ECB kondigde donderdag 5 juni enkele historische maatregelen aan die in de praktijk echter weinig effect zullen sorteren om de Europese economie aan te zwengelen en de deflatie, die in aantocht is, te bestrijden.

Draak

 

Wat zijn de drie belangrijkste maatregelen die Draghi aankondigde?

Ten eerste zullen voortaan banken die hun geld bij de ECB parkeren daarover 0,1% boeterente moeten betalen. Voor een centrale bank een historische stap omdat dit nog nooit eerder is vertoond. Dat banken moeten betalen als hun geld bij de centrale bank blijft staan. Behalve een historische stap is het natuurlijk meer een psychologische en symbolische actie. Want wat stelt 0,1% nu voor. Bovendien hebben banken hun geld bij de ECB al teruggebracht van 700 miljard euro in 2012 naar 30 miljard nu.

De tweede maatregel is de renteverlaging van 0,25 naar 0,15%. Ook hier hetzelfde laken een pak: een minuscule verlaging van 0,1% die ook nu weer meer van historische dan praktische waarde is. Want nog nooit eerder verlaagde de ECB de rente naar zo’n laag niveau. Banken zullen echter echt niet meer gaan uitlenen en ook de lagere rente niet doorgeven aan hun klanten, zoals bij eerdere renteverlagingen ook al is gebleken.

De derde maatregel is dat banken in september en december opnieuw vrijwel gratis geld  – dit keer 400 miljard euro  –   kunnen lenen. Wat in het verleden ook al vaker is gebeurd, maar ook weinig heeft uitgehaald omdat banken het gratis geld gebruikten om te beleggen in staatsobligaties. Het geld werd dus gebruikt waar het niet voor bedoeld was. Het was bedoeld om de economie te stimuleren. Deze blunder probeert de ECB deze keer te voorkomen door aan de gratis geldleningen de voorwaarde te verbinden dat banken het geld alleen  gebruiken voor leningen aan het MKB. Maar deze toetsing zal pas over twee jaar plaatsvinden. In de tussentijd kan de bank ermee doen wat zij wil. Als dan blijkt dat het geld voor andere doeleinden, zoals obligaties is gebruikt, dan zullen banken het geld moeten terugbetalen. Desalniettemin zal ook deze maatregel  weinig effect sorteren omdat banken niet verplicht worden om geld uit te lenen aan het MKB en ze dat ook niet zullen doen als ze weinig vertrouwen hebben dat ze hun geld terugkrijgen.  Bovendien blijkt de Bank of England sinds 2012 al hetzelfde te doen en heeft dit tot nu toe nog weinig opgeleverd.

Natuurlijk liet Draghi niet achterwege om te vermelden dat hij nog meer maatregelen zal treffen indien bovengenoemde maatregelen niet het beoogde effect zullen hebben. Maar dat zegt Mario elke keer. En elke keer blijken de genomen maatregelen niet genoeg te zijn geweest. Dat zal daarom ook dit keer weer het geval zijn. Met dit verschil dat de deflatiedraak steeds dichterbij komt – de inflatie is 0,5%  – en exclusief BTW nog slechts 0,3%  –  en in de komende jaren Super Mario zal verpulveren tot een Marionet.

Meer weten over de aanstormende deflatiedraak? Download dan alvast het eerste hoofdstuk van het boek dat ik met Elmer Hogervorst geheel herschreven heb: “Deflatie in aantocht, vijf stappen om de komende crises te overleven” (8e druk) op http://alsgeldjeliefis.nl. Verschijningsdatum: september 2014.

Eric Mecking

 

Waarom zilver goud ver gaat overtreffen

Elmer 2 Reactie

In ons boek Geld, goud en zilver kunnen wij ons enthousiasme voor zilver nauwelijks onderdrukken: wij zijn grote zilverfans en denken dat het nog veel meer potentieel heeft dan goud. Bovendien is het minder gevoelig voor nationalisatie zoals dat in de jaren ’30 in de VS  het geval was bij goud. Mike Maloney stopt 90% van zijn geld in zilver, 10% gaat in goud. Bekijk deze video.

Inflatie vliegt de pan uit

Elmer 0 Reactie

In ons boek Geld, goud en zilver gaan wij uitgebreid in op de ontwaarding van ons geld. De overheid en organisaties als het CBS en CPB noemen het ‘de’ inflatie. Wij laten zien dat ‘de’ inflatie niks zegt over de werkelijke geldontwaarding. In onderstaande filmpje zie je dat nog weer eens bevestigd: de Amerikaanse overheid zegt dat de inflatie laag is, maar Amerikaanse moeders hebben moeite om rond te komen aangezien de prijzen van voedsel de pan uitrijzen.

De toekomst van goud en zilver

Elmer 0 Reactie

SproutmagazineHet blad Sprout bevatte een bijlage ‘Beleggen, investeren in de toekomst’. Op pagina 4 van de bijlage staat een kort interview met ons over wat beleggers mogen verwachten ten aanzien van de koers van goud en zilver. Lees hier het interview.

 

Kunnen we de wereldeconomie redden?

Elmer 0 Reactie

Eric Mecking werd afgelopen maandag bij OBA Live geïnterviewd. Presentator Wim Brands en huisfilosoof Ad Verbrugge praten met hem over de crisis. In hoeverre hebben individuen de macht om de wereldeconomie te redden of te verdoemen?
Lees Meer →